Fuck, ‘Hij’ heeft gelijk

Telkens wanneer ik het hoogtepunt van mijn levenstwijfels bereikt heb, ontmoet ik op een of andere vage wijze de Duitser Unmon. Het lijkt wel alsof hij elke keer vanuit een bosje tevoorschijn springt. We treffen elkaar geregeld in herbergen en veelal helpt hij pelgrims van hun pijnen af door middel van zogenoemde holistische aanrakingen waar ik geen snars van begrijp. Iemand noemde hem ooit ‘God’, maar dat vind ik een beetje overdreven. Alhoewel ik de gelijkenis wel begrijp. Ik moet namelijk toegeven dat Unmon altijd rake opmerkingen heeft. Hij verwart graag mensen, vertelt hij me. Ik durf niet te zeggen of dat komt door zijn Duitse achtergrond (onze oosterburen zijn vaak direct, heb ik van andere Duitsers vernomen); door zijn werk als psychotherapeut of doordat hij naar eigen zeggen Boeddhistische wijsheden heeft vergaard.

Na 600km lopen had ik ondertussen alle breakdowns ervaren die een mens kan voelen. Van extreme verveling tot huilbuien, van lachkicks tot fysieke en mentale vermoeidheid: er gebeurde nogal wat binnenin deze pelgrim. Toch leverde elke wandelinzinking een levensinzicht op. De gesprekken met mede-zoekers gingen inmiddels niet meer over “Hoe oud ben je; waar kom je vandaan; wat doe je?”, maar denderden binnen luttele minuten de diepte in. Waar de eerste weken bestonden uit lichamelijke uitputting en semi-oppervlakkige ontmoetingen, zorgde de laatste week voor de mogelijkheid tot filosoferen. De Camino was veranderd van een wandelvakantie in een soort experimenteer-bubbel waarbinnen levenssituaties in genuanceerde vormen voorbijkwamen. Twijfels over mijn eigen levenskeuzes waren terug te vinden in (positieve) confrontaties met Camigo’s. Er was altijd iemand op dezelfde weg te vinden die bereid was om mijn verhaal aan te horen en me op weg te helpen met zijn/haar visie. Vice versa deed ik hetzelfde. Gisteren was ik nogal aan het malen in mijn hoofd. Mijn Camigo’s zeiden dat ik mijn gedachtes los moest laten, maar dat lukte niet. En ja hoor, natuurlijk kwam ik Unmon weer tegen in de herberg waar ik verbleef. Was hij hier de hele tijd al? Goed, binnen 3 seconden zat de Duitse God opeens voor me. Zijn ogen verraden dat hij mijn leven weer op z’n kop wilde zetten. En dat het hem ging lukken, wisten zowel hij als ik. Af en toe praatten we Duits, vaker Engels, maar in zijn blik snapte ik eigenlijk meteen wat hij wilde zeggen. Mijn verhaal interesseerde hem niet, want “Content is not important”. Daar zouden mijn kunstdocenten het grondig mee oneens zijn. Hij gaf me ongevraagd de opdracht om aandacht te geven aan 7 wijsheden, de komende week. De herkomst van deze wijsheden vergat ik hem te vragen. Waarschijnlijk een mix van Duitse cultuur, Zenboeddhisme en psychotherapie. “Every day you will focus on one topic,” lachte hij geniepig. Hij zag vast in mijn schapenogen dat ik het ging doen ook, verdomme. Ik probeerde me stoerder voor te doen om hem geen gelijk te geven. Ik sloot mezelf af van zijn waarheid door mijn armen en benen over elkaar te slaan. Onaanraakbaar! Ik zag er toch zeker niet uit als iemand die een oude Duitser nodig had die me vertelt wat ik moet doen?

“Dag 1, wees zonder oordeel!” roept Unmon luid, zodat iedereen hem kan horen. En iedereen hoort hem ook. En ze luisteren. “Unmon, dit is niet bepaald gemakkelijk voor me. Ik heb tijdens de Camino ontdekt dat ik besta uit (voor)oordelen,” zeg ik in het half-Duits en half-Engels. “Jij houdt zeker van lijden,” grapt Unmon. “Dag 2, heb geduld! Dat heb jij niet, Nienke,” Ik zwijg en probeer geduldig over te komen. “Dag 3, beginners-mind!” Ik begrijp het niet. Hij legt uit dat ik in elke situatie een beginneling moet zijn. Ofwel, ik moet leren dat alles wat ik waarneem en ervaar een nieuw moment is. “Kijken als een kind?” vraag ik hem. “Ja, precies!” roept Unmon. Volgens hem is dat makkelijker gedaan tijdens de Camino dan thuis. “Dag 4, HEB GEDULD!” Iemand roept dat dat nummer 2 is. Unmon kijkt naar mij en lacht. “Oke, dag 4 draait om vertrouwen. Heb vertrouwen,” ‘Moet ik jou wel vertrouwen,’ vraag ik mezelf af als ik naar Unmon kijk. “Dag 5, accepteer,” “Accepteer wat?” “Alles, Nienke. Alles. Op dag 6, streef je niet en verlang je niks. En op dag 7, laat je los,” Unmon heeft gezegd wat hij moet zeggen. Hij roept “Gute nacht” en laat mij in vertwijfeling achter. Ik kijk naar het papier waarop ik netjes genoteerd heb wat hij gezegd heeft. Schreef ik dat uit eigen wil of omdat Unmon mij het opgedragen heeft?

De volgende ochtend roep ik de hele dag: “Ik oefen om zonder oordeel te zijn!” En verrek, het lukt me ook nog en het levert me vele glimlachen op. Ik verwacht dat als ik me niet aan het lijstje houd, Unmon vast weer vanachter een boom vandaan komt. Tot die tijd loop ik dus de opdrachten af. Want stiekem, heeft Unmon gelijk. En dat weet hij zelf ook.

2 Comments

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s